Het gebruik van gebruikersenquêtes
Er bestaan verschillende soorten gebruikersenquêtes voor het onderzoeken van de gebruiksvriendelijkheid van interfaces. Een usability test met gebruikers uitvoeren blijft vaak de meest geschikte manier om usability problemen te ontdekken. Toch kunnen deze gebruikersenquêtes ook nuttig zijn tijdens een usability onderzoek.
Gebruikersenquêtes kunnen worden gebruikt om subjectieve informatie te vergaren over de beoogde gebruikers(groep) en hun tevredenheid over het gebruik van een applicatie. Het voordeel van bestaande enquêtes is dat deze meestal zijn gestandaardiseerd. Deze enquêtes kunnen op twee manieren worden gebruikt:
- Als onderdeel van een andere evaluatiemethode (bijvoorbeeld na usability testen);
- Op zich staande enquêtes als enige basis om de usability te onderzoeken.
Vragenlijsten hebben als belangrijk nadeel dat gebruikers aan zelfrapportage doen: wat een gebruiker zegt is niet noodzakelijk ook wat hij doet. Daarom zijn vragenlijsten vooral interessant voor subjectieve meningen van gebruikers en minder voor het ontdekken van specifieke usability problemen. Vragenlijsten hebben als voordeel dat ze naar een groot aantal gebruikers kunnen worden gestuurd, in tegenstelling tot usability testing waar tijds- en budgettaire beperkingen maar een beperkt aantal deelnemers toelaten. (Preece e.a. 2002)
Er is een aantal standaardvragenlijsten ontwikkeld. Een aantal van deze vragenlijsten wordt met elkaar vergeleken door Tullis en Stetson
De korte vragenlijsten kunnen worden gebruikt om de mening van testpersonen te weten te komen als onderdeel van een gebruikerstest. Hierbij valt op dat deze mening vaak niet overeenkomt met het resultaat uit de usability test. De belangrijkste korte vragenlijsten zijn:
- De After-Scenario Questionnaire (ASQ) bevat drie vragen om de snelheid en het gemak van een bepaalde taak te meten (Lewis 1995).
- De System Usability Scale (SUS) heeft tien vragen en maakt gebruik van de Likert-schaal (Brooke, J. (1996) SUS: a 'quick and dirty' usability scale. In: P. W. Jordan, B. Thomas, B. A. Weerdmeester & A. L. McClelland (eds.), Usability Evaluation in Industry. London: Taylor and Francis).
- De Computer System Usability Questionnaire (CSUQ) heeft drie delen met totaal 19 vragen en is het meest geschikt om na een volledige test te gebruiken.
Met op zich staande vragenlijsten wordt de usability 'gemeten' op basis van de mening van de gebruiker. De belangrijkste op zich staande vragenlijsten zijn:
- De Questionnaire for User Interaction Satisfaction (QUIS) bevat in totaal 71 vragen, waaronder zowel algemene als specifieke vragen, op een schaal met negen punten (Chin e.a., 1988). Niet alle vragen zijn voor elk soort product relevant. In de praktijk wordt dus meestal maar een deel van de vragen gebruikt.
- De Software Usability Measurement Inventory (SUMI) is enkel ontwikkeld voor softwaretoepassingen en bevat vijftig vragen op een schaal met drie antwoordmogelijkheden.
- De Measuring the Usability of Multi-Media Software (MUMMS) waarbij aan de hand van zestig vragen de perceptie van de gebruiker wordt gemeten. De resultaten worden vergeleken met een referentiedatabase.
- De Website Analyse and Measurement Inventory (WAMMI) bestaat uit ongeveer twintig uitspraken en is speciaal ontwikkeld voor websites.